Trillingsmetingen |
Het uitvoeren van trillingsmetingen tijdens het aanbrengen van stalen damwanden d.m.v. hoogfrequent trillen met variabel moment.
De sensoren worden geplaatst op de fundatie of een muurveld van het dichtstbijzijnde gebouw. Afhankelijk van de toestand van onderhavig gebouw wordt door de directie vastgesteld welke trillingssterkte toelaatbaar is. De richtlijnen hiervoor staan beschreven in CUR-publicatie 166 damwandconstructies bladzijde 506 tot en met 516. Met de Vibra-trillingsmeter kan een extern alarm verbonden worden zodat indien de vooraf ingestelde grenswaarde bereikt wordt, dit alarm afgaat. Indien de trillingen te hoog zijn, dienen de werkzaamheden gestopt en een andere werkmethode gekozen te worden. Mogelijke maatregelen zijn: het voorboren van het damwand traject, of het overgaan op het trillingsvrij aanbrengen van de damwanden.
Tijdens het intrillen van damwanden kunnen indien de opdrachtgever dit wenst trillingsmetingen uitgevoerd worden. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een Vibra-trillingsmeter van T.N.O. Met dit toestel kunnen 1 of 2 sensoren verbonden worden, zodat op 1 of 2 plaatsen de trillingssterkte gemeten kan worden. Indien de trillingssterkte met 1 sensor geregistreerd wordt, wordt deze gemeten in X- Y- en Z-richting. Bij metingen met 2 sensoren, geschiedt de meting enkel in X- en Z-richting. De trillingssterkte en de dominante frequentie worden continu gemeten zodat gedurende de hele dag een beeld wordt verkregen. |


